Erkenning-stilgeboren-kind

Erkenning

Een aantal weken geleden belde een jong stel van wie de baby kort na de geboorte is overleden. Mijn hart slaat altijd een keer over bij dit soort meldingen. Een kind verliezen is zoiets aangrijpends en de begeleiding is intensief. We gaan met elkaar in gesprek en het is de wens van de jonge ouders om het kindje een mooi afscheid te geven. Met naaste familie en vrienden die hen lief en dierbaar zijn. Ze willen dit verdriet met hen delen, ze zijn trots dat ze ouders geworden zijn, maar zeker ook omdat het kindje het verdient om herdacht, erkend en geëerd te worden. Het werd een warm en liefdevol afscheid met ruimte voor verhalen van troost en hoop, muziek en verdriet. We luisterden naar het nummer van Blof – Zo mooi, zo mooi. Het geluid van de hartslag van de baby, opgenomen door de vader tijdens de laatste echo, werd in dit nummer verwerkt. Dit afscheid is waardevol en de eerste stap voor de jonge ouders om door te kunnen na dit verlies.

Vroeger

Hoe anders ging dat vroeger. Ik moet denken aan de ernstige zieke man bij wie ik laatst kwam om zijn uitvaart door te nemen. Hij vertelde dat hij een bijzonder emotionele week achter de rug had. Ik dacht dat dat alles te maken had met zijn ziekte en zijn naderende dood, maar niets was minder waar. Hij had de week ervoor zijn zoontje aangegeven bij de burgerlijke stand. Sinds 3 februari 2019 kunnen ouders die dat wensen, met terugwerkende kracht, hun levenloos geboren kind registreren in de Basisregistratie Personen. Het zoontje werd in 1968 levenloos geboren en hij en zijn vrouw hebben hem nooit gezien. Na de geboorte werd het jongetje direct weggehaald en omdat het niet gedoopt was, werd het ‘achter de heg’ van de begraafplaats begraven. Er was nog zoveel verdriet om het verlies van het kindje, maar ook over de manier waarop er toen mee omgegaan werd. Het was net of het niet gebeurd was en dat het kindje er niet mocht zijn. Nu, ruim 50 jaar verder, vertelde hij vol trots en met tranen over zijn wangen over zijn zoon. Ze hadden hem bij de aangifte ook een naam gegeven, Michaël. ‘Nu heb ik vrede in mijn hart en kan ik sterven’, zei hij. ‘Zijn naam moet ook op de rouwkaart hoor. Wil jij daar op toezien Thea?’ vroeg hij. Daar wil ik heel graag op toe zien lieve meneer, want deze kinderen hebben er recht op om erkend en herdacht te worden, omdat ze werkelijk bestaan.

Vandaag maak ik me niet druk

De avond na dit gesprek plof ik languit op de bank. De woonkamer ziet eruit alsof er net een F-16 is geland. Er staan drie wasmanden met was te wachten om opgevouwen te worden. De oudste twee kibbelen over een truitje dat volgens de één van de ander zou zijn. Ik trek de jongste wat dichter tegen me aan. De hond ligt aan mijn voeten. Vandaag maak ik me niet druk. We zijn compleet en dat is alles wat telt.